Aanklager eist 20 jaar celstraf voor Bouterse

Aanklager eist 20 jaar onvoorwaardelijke celstraf voor Desi Bouterse.

De strafzaak naar de decembermoorden van 1982 is vandaag hervat. Het Openbaar Ministerie (OM) had in hoger beroep geprobeerd een einde te maken aan het strafproces, toen de Krijgsraad begin dit jaar een verzoek daartoe had afgewezen. Het Hof van Justitie vond echter dat er geen gronden daarvoor waren en oordeelde dat het proces moet worden voortgezet.

De toenmalige legerbevelhebber, nu president van Suriname, Desi Bouterse, is de hoofdverdachte in het 8 december strafproces waarbij 15 critici van het militair bewind werden gemarteld en vermoord.

Omstreeks 14:30 uur Nederlandse tijd werd het proces hervat.

Uit de rechtzaal

Aanklager: De Decembermoorden waren goed voorbereid dus is er  sprake van voorbedachte rade. Alhoewel er geen bewijs is gevonden dat Bouterse zelf heeft geschoten, kan uit de vele getuigenverklaringen en uit de bewijslast geconcludeerd worden dat Bouterse in Fort Zeelandia aanwezig was en strafbare feiten heeft gepleegd. De aanklager ziet Bouterse niet als pleger, maar als medepleger. Paul Bhagwandas zou de pleger zijn. Er wordt door de aanklager Roy Elgin, 20 jaar onvoorwaardelijk geëist tegen de hoofdverdachte Desi Bouterse.

 

 

 

Strafzaak Decembermoorden gaat door

De strafzaak Decembermoorden gaat door. Het Hof van Justitie, het hoogste rechtscollege, heeft dat in hoger beroep beslist. Het Openbaar Ministerie (OM) had hoger beroep aangetekend tegen het besluit van de Krijgsraad op 30 januari 2017 om door te gaan met het strafproces. Het OM is niet ontvankelijk verklaard door het Hof van Justitie. De zaak is daarmee terug verwezen naar de Krijgsraad.

De toenmalige legerbevelhebber, nu president van Suriname, Desi Bouterse, is de hoofdverdachte in het 8 december strafproces waarbij 15 critici van het militair bewind werden gemarteld en vermoord. De raadsman van Bouterse was niet aanwezig, maar liet zich vertegenwoordigen door een kantoorgenoot.  Van de verdachten was alleen Edgar Ritfeld persoonlijk aanwezig.

De Raadkamer werd gevormd door de rechters Dinesh Sewrattan, Anand Charan en Dennis Kamperveen. Het OM had het Hof gevraagd de beslissing van de Krijgsraad om door te gaan met het 8 december strafproces te vernietigen en te beslissen tot het onmiddellijke beëindiging van de strafzaak. Daarmee vroeg het OM het Hof te beslissen dat het bevel van de regering gehandhaafd blijft.

De regering had op basis van artikel 148 van de grondwet het OM op 29 juni vorig jaar opgedragen om de vervolging van de strafzaak onmiddellijk te stop te zetten. Alle redenen die aangevoerd werden hadden betrekking op de veiligheid van de Staat, die zou  ernstig in gevaar wordt gebracht door de voortzetting van het strafproces.  Dat is niet gebleken. De Krijgsraad mag dus doorgaan met het vervolgen van alle verdachten.

Meer informatie over de verdachten: https://jessicadikmoet.nl/decembermoorden/verdachten/

Voortgang strafproces decembermoorden

Er zijn geen beletselen voor voortzetting van de rechtzaak, aldus rechter Cynthia Valstein – Montnor vandaag in een bomvolle rechtzaal in Paramaribo.
Op 9 februari a.s. zal er een begin gemaakt worden met het voorlezen van de strafeis tegen Desi Bouterse, de hoofdverdachte en de andere verdachten die terechtstaan.  Op 17 februari is het dan de beurt aan de Militaire Kamer.

Voor meer gedetailleerde info over de verdachten : zie verdachten.

Meer informatie volgt.

ANP: In Paramaribo heeft de krijgsraad besloten dat het proces om de Decembermoorden wordt voortgezet. Rechter Cynthia Valstein-Montnor negeert daarmee het gebod van president Bouterse om het hele proces stop te zetten. Het Openbaar Ministerie wilde zich bij het gebod van de president neerleggen, maar de krijgsraad heeft nu voorkomen dat het proces wordt beëindigd.

Na een schorsing van de zitting werd bekendgemaakt dat op donderdag 9 februari een begin wordt gemaakt met het voorlezen van de strafeis tegen de verdachten en de hoofdverdachte Desi Bouterse. Alle strafzaken zijn formeel heropend.

De Decembermoorden werden gepleegd in 1982. Het regime-Bouterse stelde toen vijftien zogenoemde tegenstanders van het regime terecht in het militaire fort Zeelandia. Bouterse was in 1980 via een staatsgreep aan de macht gekomen. Twee jaar later voorkwam het leger een tegencoup.

De zaak sleept sindsdien en verdeelt de bevolking. Bouterse wilde er een streep door zetten via de Amnestiewet, die de verdachten vrijwaart van vervolging. Volgens Bouterse brengt het proces de staatsveiligheid in gevaar.

Nabestaanden van de slachtoffers zien het besluit van de krijgsraad als een overwinning voor de rechtsstaat Suriname.